Het
lichaam is een organisme. Hierin zit het woord organiseren, het tegenovergestelde
van chaos. Bij onderzoek van de iris, deel van dit lichaam, is het dus van
belang dit volgens een systeem te doen.
Het
systeem dat door mij meestal wordt toegepast, volgt hierna;
-
Welk
oog
onderzoek
je
het
eerst?
Bij
vrouwen
eerst
het
linkeroog
en
daarna
het
rechteroog.
Bij
vrouwen
is
het
linkeroog
het
meest
dominant
aanwezig.
De
meeste
vrouwen
zijn
meer
gevoelsmensen,
mannen
meer
denkers.
Als
gevolg
hiervan
wordt
de
bovengenoemde
volgorde
aangehouden.
Zoals
bij
zoveel
regels
is
ook
hier
sprake
van
een
uitzondering
hierop.
Mensen
die
van
nature
linkshandig
zijn.
Dit
kan
tot
gevolg
hebben
dat
de
topografiekaarten
van
de
iris
ook
verwisseld
moeten
worden.
- De
kleur van de iris. Blauw, bruin, grijs, groen of een mengkleur.
- Tekening
van de stroma iridis. Om constitutie en
eventuele diathese vast te stellen.
- De
pupil. Hierbij wordt gelet op vorm en grootte.
- De
krauzerand. Een gekartelde rand die zich op ongeveer 1/3 van het totale
irisveld mag bevinden. Hierbij wordt gekeken naar structuur- en kleurveranderingen
binnen deze ring.
- Structuur-en
kleurveranderingen in de iris.
- Het
oogwit (sclera). Afwijkingen in kleur of vascularisatie (nieuw gevormde
bloedvaatjes)
De
uitkomst
van
het
onderzoek
van
de
iris
wordt
daarna
gecombineerd
met
de
informatie
van
de
anamnese
(uiteraard
ook
systematisch
afgenomen).
Beide
informatiestromen
worden
aan
elkaar
getoetst
om
bepaalde
tekens
beter
te
kunnen
ontdekken
en/of
te
herkennen.
De
verschillende constitutietypes worden hier
uitgebreidt uitgelegd.
...